Een gehaakte gezelligheidsdeken (haakblog 68)

aan de haak blog 68 een gezellgheidsdeken hoofdfotoAl jaren ben ik helemaal dol op het servies van Blond Amsterdam. Ik heb er niet alles van, want ik vind heel veel dingen leuk. Toch heb ik wel wat spulletjes, die ik vooral op verjaardagen tevoorschijn tover. Het verhoogt de feestvreugde aanzienlijk. Ik heb zelfs gebaseerd op dit servies mijn slingers afgestemd. Aan de haak met een Blond Amsterdam gehaakte gezelligheidsdeken, een verhaaldeken.

Een deken geïnspireerd op het Blond Amsterdam servies

Nu leek het me zo leuk om een deken te haken, geïnspireerd op dit servies. Echter wilde ik niet alleen zelf hier plezier van hebben, maar ik wilde jou laten meegenieten. Daarom besloot ik om deze gezelligheidsdeken te ontwerpen.

Ik haalde de mokken en mokjes tevoorschijn en baseerde mijn kleurtjes op dit servies. Als tekst heb ik gekozen voor Gezelligheid kent geen tijd.

Dit komt omdat er op Blond Amsterdam als tekst copyright rust. Ik heb hen nog wel gevraagd of ze belangstelling hadden voor mijn mooie ontwerp. Helaas was dit niet zo (ze weten niet wat ze mislopen).

Ruitjes, strepen, hartjes, stippen en letters vertellen het verhaal

Ook heb ik twee bordjes gebruikt als inspiratie. Je ziet ze op de foto staan.

Het zijn strepen (I love strependekens) en de mooie sierrandjes van de dekens heb ik er ook in verwerkt. De ruitjes, strepen hartjes, stippen (mijn favoriet) en letters zijn vertegenwoordigd in deze deken.

aan de haak blog 68 een gezellgheidsdeken hartjes

De deken haakte ik met Stylecraft Special Dk en het is uiteindelijk een eenpersoonsdeken geworden. Heerlijk aan de haak.

Een eenvoudig haakpatroon met alfabet

Het mooie is dat het helemaal geen moeilijk patroon is. In het patroon heb ik het complete alfabet toegevoegd, zodat je elke tekst (mits niet te lang) kunt zetten in de baan waar ik nu ‘Gezelligheid heeft geen tijd’ heb gezet.

Hij is dus helemaal te personaliseren.

En hoe vind je de rand? Schattig, hè? En ook heel eenvoudig. Want dat vind ik een echte must.

Een mooi resultaat, maar niet te moeilijk. Ik haak (en jij waarschijnlijk ook) voor de ontspanning en met deze deken blijft het echt ontspannen.

Ik haakte de deken twee keer

Weet je trouwens dat ik hem 2 x heb gehaakt? Eerst haakte ik hem met de tekst ‘Blond Amsterdam, bla, bla, bla’, maar dat mocht dus niet in verband met copyright.

aan de haak blog 68 een gezellgheidsdeken tekst

Daarom haakte ik hem nogmaals met een andere tekst. Gezelligheid kent geen tijd dit keer. Aan de haak voor een gehaakte gezelligheidsdeken. Het gratis patroon vind je hier.

aan de haak blog 68 een gezellgheidsdeken bij servies

Mijn tip voor jou:

een gehaakte gezellgheidsdeken haaktip 68

Het patroon vind je hieronder:

Wil je liever de printvriendelijke versie met diagrammen en foto’s? Dan is het patroon beschikbaar in mijn Etsy-shop.

Benodigdheden:

Stylecraft Special DK

  • 4 Candyfloss (roze)
  • 2 Spice (oranje)
  • 3 Citron (geel)
  • 2 Lipstick (rood)
  • 2 Grass Green (grasgroen)
  • 2 Turquoise (turquoise)
  • 2 Sherbet (lichtblauw)
  • 2 White (wit)
  • 2 Lavender (lavendel)
  • 2 Black (zwart)
  • 1 Lapis (kobaltblauw)
  • 1 haaknaald maat 4 en 4,5
  • Stopnaald (met punt)

Gebruikte afkortingen:

v = vaste(n), st = stokje(s), dst = dubbelstokje, hst = halfstokje, l = losse, hv = halve vaste.

Deze deken is geïnspireerd op het Blond Amsterdamservies. Zo leuk al die gezellige mokken! Hij bestaat uit 13 strepen. De onderste 6 strepen doen denken aan het servies, de middelste is een leuke tekst, de bovenste 6 zijn de onderste strepen in spiegelbeeld. Elke streep wordt onderbroken door 4 rijen van een andere kleur. Dit zijn de randjes van de mokken, mokjes en bekers.

  1. Groenwitte ruitjes
  2. Geel metrode hartjes
  3. Oranje-witte stippen
  4. Roze-witte ruitjes
  5. Blauwe strepen
  6. Paars-witte stippen
  7. Gezelligheid kent geen tijd
  8. Lavendel-witte stippen
  9. Blauwe strepen
  10. Roze-witte vierkantjes
  11. Oranje-witte stippen
  12. Geel-rode hartjes
  13. Groen-witte vierkantjes

OPZETRAND:

Haak een ketting van 242 lossen met roze. Doe dit met minimaal een halve naald groter dan waarmee je de deken gaat haken.

STREEP 1: GROEN-WITTE RUITJES

Toer 1: Haak een st in de 4e losse (1e st). Haak daarna 238 st. Keer. (239 st)

Toer 2: 3 l (1e st), 238 st. Wissel naar wit. Keer.

Let op! Normaal gesproken is de oneven toer de voorkant van je werk. Dat is nu niet zo. Toer 3 is de achterkant van je werk. Toer 4 is dus de voorkant. De goede kant van je stokjes zit dan aan de voorkant.

Toer 3: 1 l (niet 1e v) en 1 v in dezelfde steek, *2 l, 2 steken overslaan, 1 v in de volgende steek*, herhaal wat tussen * * staat, 1 v in de laatste steek. Wissel naar grasgroen. Keer.

Toer 4: 3 l (1e st) en *3 st in de 2-lossenruimte*, herhaal wat tussen * * staat, 1 st. in de laatste steek. Wissel naar wit. Keer.

Toer 5: 1 l (niet 1e v) en 1 v in 1e steek, *2 lossen, 2 steken overslaan, 1 v tussen de 3 stokjes van de vorige toer*, herhaal wat tussen * * staat, 1 v in de laatste steek. Wissel naar grasgroen. Keer.

Toer 6 t/m 15: herhaal afwisselend toer 4 en 5. Je eindigt dus met een toer witte vasten met lossen ertussen. Wissel naar roze. Keer.

Tussenrij: roze-blauw randje

Toer 1: 1 l (niet 1e v), 2 v, 1 v in de 1e lossenruimte, *5 st in de volgende lossenruimte, 1 v in de volgende lossenruimte*, herhaal tussen * * tot het einde van de toer. In de laatste lossenruimte 2 v en dan 1 v in de laatste steek. Wissel naar zwart. Keer.

Toer 2: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar turquoise. Keer.

Toer 3: 4 l (1e dst), 2 dst, *st, 3 x hst, st, dst* , herhaal van * tot het einde van de toer. Haak in de laatste twee steken een dst. Keer.

Toer 4: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar oranje. Keer. (239 steken)

Streep 2: Geel-rode hartjes

Toer 1: 3 l (1e st). Haak daarna 238 st. Keer.

Toer 2: zie toer 1. Wissel naar geel. Keer. (239 st)

Toer 3: zie toer 1. Wissel naar rood. Keer.

Toer 4: in deze toer worden de hartjes gemaakt. 3 l (1e st), haak nog 1 st in de 1e steek, dan 2 losse. *Sla 6 steken over en haak in de 7e steek 2 st, 1 losse, 2 st. Nu ontstaat het hartje. Vervolgens 2 lossen*. Herhaal wat tussen * * staat tot je nog 7 steken over hebt. Sla weer 6 steken over en haak in de laatste steek 2 st. Wissel naar geel. Keer.

Toer 5: 1 l (niet 1e v), 2 v, *2 l en dan 2 st in de 2 middelste steken van de toer onder de hartjes, 2 l, 1 v in de lossenruimte van het hartje*. Herhaal wat tussen * staat tot het einde van de toer, 1 v in de laatste steek. Keer.

Toer 6: 3 l (1e st), 2 st in de lossenruimte, *dan 2 st op de st van de vorige toer en dan 2 st om de lossenruimte van de vorige toer,  1 st in de v van de vorige toer en dan 2 st om de lossenruimten van de vorige toer*. Herhaal wat tussen de * * staat tot het einde van de toer. Wissel naar rood. Keer.

Toer 7 t/m 15: herhaal de toeren 4 t/m 6. Wissel naar geel. Keer.

Toer 16: 3 l (1e st), haak nog 238 stokjes. Wissel naar lavendel. Keer. (239 steken).

Tussenrij LAVENDEL-rood:

Opmerking bij het diagram: haak toer 0 niet. Dit is de vorige toer.

Toer 1: 1 l (niet 1e v), 3 v, *2 steken overslaan, 5 st in de volgende steek, 2 steken overslaan, 1 v*, herhaal wat tussen * * staat tot je aan het einde van de toer nog 2 steken over hebt, 2 v. Wissel naar zwart. Keer.

Toer 2: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar rood. Keer.

Toer 3: 4 l (1e dst), 2 dst, *st, 3 x hst, st, dst* , herhaal van * tot het einde van de toer, 2 dst. Keer.

Toer 4: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar turquoise. Keer. (239 steken)

STREEP 3: Oranje met witte stippen

Toer 1: 3 l (1e st), 238 st. Keer. (239 steken)

Toer 2: zie toer 1. Wissel naar oranje. Keer.

De bobbels haak je met wit. De rest met oranje.

Bobbelsteek B (BB)

Haak vasten met oranje. Laat de witte draad van de bobbel alvast meelopen. Haak de vaste helemaal af. Pas als je aan de bobbel begint, pak je de witte draad. Wit laat je tijdens de bobbel haken niet meelopen, maar loshangen. Haak een dubbelstokje met wit niet helemaal af, zodat er twee lussen op de naald blijven staan. Herhaal dit nog 5 keer in dezelfde steek. Op je haaknaald staan nu 6 lussen (1 lus oranje en 5 lussen wit). Sla de oranje draad om en haal deze tenslotte door alle lussen. Trek nu beide draden goed aan met een kort rukje. De bobbel plopt nu naar de voorkant. Haak nu weer verder met vasten tot je bij de volgende bobbel komt.

Toer 3: 1 l (niet 1e v). 239 v. Keer.

Toer 4 t/m 6: herhaal toer 3.

Toer 7: 1 l (niet 1e v), 4 v, *1 BB (zie hierboven), 9 v*. Herhaal wat tussen * * staat tot je nog 5 steken over hebt, 1 BB, 4 v. Keer.

Toer 8 t/m 10: herhaal toer 3.

Toer 11: 1 l (niet 1e v), 9 v, * 1 BB, 9 v*. Herhaal wat tussen * * staat, tot je nog 10 steken over hebt, 1 BB, 9 v. Keer.

Toer 12 t/m 14: herhaal toer 3.

Toer 15: herhaal toer 7.

Toer 16 t/m 18: herhaal toer 3.

Toer 19: herhaal toer 11.

Toer 20 t/m 22: herhaal toer 3. Wissel naar rood. (239 steken)

TUSSENRIJ: ROOD-GEEL

Opmerking bij het diagram: haak toer 0 niet. Dit is de vorige toer.

Toer 1: 1 l (niet 1e v), 3 v, *2 steken overslaan, 5 st in de volgende steek, 2 steken overslaan, 1 v*, herhaal wat tussen * * staat tot je aan het einde van de toer nog 2 steken over hebt, 2 v. Wissel naar zwart. Keer.

Toer 2: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar geel. Keer.

Toer 3: 4 l (1e dst), 2 dst, *st, 3 x hst, st, dst* , herhaal van * tot het einde van de toer, 2 dst. Keer.

Toer 4: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar oranje. Keer. (239 steken)

STREEP 4: ROZE RUITJES

Toer 1:  3 l (1e st), 238 st. Keer.

Toer 2: 2 l (1e hst), 238 hst. Keer.

Toer 3:  1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar wit. Keer.

Je hebt nu de achterkant van je werk voor je. Dit is geen vergissing. Je gaat weer de ruitjessteek haken en die start aan de achterkant.

Toer 4: 1 l (niet 1e v) en 1 v in dezelfde steek, *2 l, 2 steken overslaan, 1 v in de volgende steek*, herhaal wat tussen * * staat, 1 v in de laatste steek. Wissel naar roze. Keer.

Toer 5: 3 l (1e st) en *3 st in de 2-lossenruimte*, herhaal wat tussen * * staat, 1 st. in de laatste steek. Wissel naar wit. Keer.

Toer 6: 1 l (niet 1e v) en 1 v in 1e steek, *2 lossen, 2 steken overslaan, 1 v tussen de 3 stokjes van de vorige toer*, herhaal wat tussen * * staat, 1 v in de laatste steek. Wissel naar roze. Keer.

Toer 7 t/m 15: herhaal afwisselend toer 4 en 5. Je eindigt dus met een toer witte vasten met lossen ertussen. Wissel naar geel. Keer.

TUSSENRIJ: GEEL-ROOD RANDJE

Toer 1: 1 l (niet 1e v), 2 v, 1 v in de 1e lossenruimte, *5 st in de volgende lossenruimte, 1 v in de volgende lossenruimte*, herhaal tussen * * tot het einde van de toer. In de laatste lossenruimte 2 v en dan 1 v in de laatste steek. Wissel naar zwart. Keer.

Toer 2: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar rood. Keer.

Toer 3: 4 l (1e dst), 2 dst, *st, 3 x hst, st, dst* , herhaal van * tot het einde van de toer. Haak in de laatste twee steken een dst. Keer.

Toer 4: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar grasgroen. Keer. (239 steken)

STREEP 5: BLAUWE STREPEN

Toer 1: haak 3 lossen (1e st), 238 st. Keer.

Toer 2: haak 3 lossen (1e st), 238 st. Wissel naar turquoise. Keer.

Vanaf nu ga je afwisselend turquoise en lichtblauw haken. Begin met turquoise. Neem de draad van  lichtblauw meteen vanaf het begin mee.

Instructie kleurwissel aan de voorkant van je werk:

Wissel van kleur in de laatste doorhaling. Doe hiervoor kleur 1 naar voren en pak van achteren de draad van kleur 2 draad op. Wissel nu van kleur en haak verder met kleur 2. Neem de draad van kleur 1 mee. Die zie je een beetje doorschijnen. Dat is niet zo erg. Zo doe je alle kleurwisselingen aan de voorkant van je werk. Trek bij elke kleurwissel de draad een beetje aan. Dan blijft je werk netjes en regelmatig. Bij de overgang naar de volgende toer neem je de meeloopdraad mee. Dit ziet er zo uit aan de achterkant.

Instructie kleurwissel aan de achterkant:

Wissel van kleur in de laatste doorhaling. Je doet het nu eigenlijk net andersom dan met de voorkant. Je nieuwe kleur kruist nu voorlangs en niet achterlangs. Trek na de wissel ook de draadje losjes aan, zodat het haakwerk regelmatig blijft.

Toer 3: 3 l turquoise (1e st), *5 st turquoise, 5 st lichtblauw*, herhaal wat tussen * * staat tot het einde van de toer. Keer.

Toer 4: 3 l lichtblauw (1e st), 4 st lichtblauw, 5 st Turquoise*, herhaal wat tussen * * staat tot het einde van de toer. Keer.

Toer 5 t/m 12: herhaal afwisselend toer 3 en 4. Wissel naar kobaltblauw. Keer.

TUSSENRIJ: KOBALTBLAUW-ORANJE

Toer 1: 1 l (niet 1e v), 3 v, *2 steken overslaan, 5 st in de volgende steek, 2 steken overslaan, 1 v*, herhaal wat tussen * * staat tot je aan het einde van de toer nog 2 steken over hebt, 2 v. Wissel naar zwart. Keer.

Toer 2: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar oranje. Keer.

Toer 3: 4 l (1e dst), 2 dst, *st, 3 x hst, st, dst* , herhaal van * tot het einde van de toer, 2 dst. Keer.

Toer 4: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar roze. Keer. (239 steken)

STREEP 6: LAVENDEL MET WITTE STIPPEN

Toer 1: 3 l (1e st), 238 st. Keer. (239 steken)

Toer 2: zie toer 1. Wissel naar lavendel. Keer.

Toer 3-22:  zie de beschrijving bij streep 3 (oranje met witte stippen). Wissel in de laatste doorhaling naar groen. (239 steken)

TUSSENRIJ: GRASGROEN-ROOD

Toer 1: 1 l (niet 1e v), 3 v, *2 steken overslaan, 5 st in de volgende steek, 2 steken overslaan, 1 v*, herhaal wat tussen * * staat tot je aan het einde van de toer nog 2 steken over hebt, 2 v. Wissel naar zwart. Keer.

Toer 2: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar rood. Keer.

Toer 3: 4 l (1e dst), 2 dst, *st, 3 x hst, st, dst* , herhaal van * tot het einde van de toer, 2 dst. Keer.

Toer 4: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar geel. Keer. (239 steken)

STREEP 7: GEZELLIGHEID KENT GEEN TIJD

Toer 1: 3 l (1e st), 238 st. Keer. (239 steken)

Toer 2: zie toer 1. Wissel naar rood. Keer.

Toer 3: zie toer 1. Wissel naar wit. Keer.

Toer 4: zie toer 1. Wissel naar rood. Keer.

Toer 5: zie toer 1. Wissel naar zwart. Keer.

Toer 6: zie toer 1. Wissel naar roze. Keer. Je kunt de zwarte draad laten hangen. Deze heb je straks nl. nodig voor de noppen.

Nu gaan we de tekst: GEZELLIGHEID KENT GEEN TIJD haken

Voor de tekst gebruik ik een kleinere bobblesteek, omdat de bobbels anders te dicht tegen elkaar komen te staan en dat is niet mooi.

BESCHRIJVING BOBBELSTEEK A (BA)

Haak vasten met roze. Laat de zwarte draad van de bobbel alvast meelopen. Haak de vaste helemaal af. Pas als je aan de bobbel begint neem je zwart. Roze laat je niet meelopen, maar loshangen. Haak een stokje, maar haak het stokje niet af, zodat er twee lussen op de naald blijven staan. Herhaal dit nog 3 keer in dezelfde steek. Op je haaknaald staan nu 5 lussen (op de foto staan er 6, maar 5 is genoeg). Haal de roze draad tenslotte door alle lussen. Trek nu beide draden goed aan met een kort rukje. De bobbel plopt nu naar de voorkant. Haak nu weer verder met vasten tot je bij de volgende bobbel komt.

Toer 7: 1 l (niet 1e v). 239 v. Keer.

Toer 8 t/m 10: herhaal toer 7. Keer.

Toer 11: neem aan het begin van de toer de zwarte draad alvast mee. 1 l (niet 1e v), 12 v, 2 x (BA, 1 v), 1 BA, 5 v, 1 BA, 1 v, 1 BA, 7 v, 1 BA, 8 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 3 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 3 v, 3 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 5 v, 1 BA, 1 v, 1 BA, 10 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 3 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 8 v, 2 x (1 BA, 1 v ), 1 BA, 3 v, 1 BA, 3 v, 3 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 1 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 3 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 3 v, 3 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 3 v, 3 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 3 v, 3 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 3 v, 3 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 5 v, 1 BA, 1 v, 1 BA, 11 v. Keer.

Toer 12: haak 1 losse (niet 1e v). 239 v. Keer.

Toer 13: 10 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 8 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 8 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 6 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 9 v. Keer.

Toer 14: 1 l (niet 1e v). 239 v. Keer.

Toer 15: 10 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 11 v, 1 BA, 8 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 8 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 6 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 9 v, 1 B, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 9 v. Keer.

Toer 16: 1 l (niet 1e v). 239 v. Keer.

Toer 17: 10 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 2 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 7 v, 1 BA, 8 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 5 v, 2 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 5 v, 2 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 3 v, 1 BA, 1 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 8 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 5 v, 2 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 7 v, 1 BA, 1 v, 1 BA, 6 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 2 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 3 v, 3 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 3 v, 1 BA, 1 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 5 v, 2 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 7 v, 1 BA, 7 v, 2 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 3 v, 1 BA, 1 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 9 v. Keer.

Toer 18: 1 l (niet 1e v). 239 v. Keer.

Toer 19: 10 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 8 v, 1 BA, 1 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 8 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 1 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 6 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 13 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v. Keer.

Toer 20: 1 l (niet 1e v). 239 v. Keer.

Toer 21: 10 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 8 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 1 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 8 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 1 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 6 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 15 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 9 v. Keer.

Toer 22: 1 l (niet 1e v). 239 v. Keer.

Toer 23: 12 v, 2 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 2 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 6 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 3 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 3 v, 3 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 5 v, 1 BA, 1 v, 1 BA, 8 v, 2 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 3 v, 3 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 8 v, 2 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 3 v, 1 BA, 3 v, 1 BA, 3 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 3 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 1 v, 1 BA, 5 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 9 v, 1 BA, 3 v, 3 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 3 v, 3 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 3 v, 3 x (1 BA, 1 v), 1 BA, 5 v, 1 BA, 1 v, 1 BA, 11 v. Keer.

Toer 24 t/m 29: 1 l (niet 1e v). 239 v. Wissel na toer 29 naar zwart. Keer.

Toer 30: 1 l (niet 1e v). 239 v. Wissel naar rood. Keer.

Toer 31: 3 l (1e st), 238 st. Wissel naar wit. Keer.

Toer 32: 3 l (1e st), 238 st. Wissel naar rood. Keer.

Toer 33: 3 l (1e st), 238 st. Wissel naar geel. Keer.

Toer 34: 3 l (1e st), 238 st. Keer.

Toer 35: 2 l (1e hst), 238 st. Keer.

Toer 36: 1 l (niet 1e v). 239 v. Wissel naar rood. Keer.

telpatroon1 gezelligheidsdeken

telpatroon2 gezelligheidsdeken

telpatroon3 gezelligheidsdeken

 

TUSSENRIJ: ROOD-GRASGROEN

Opmerking bij het diagram: haak toer 0 niet. Dit is de vorige toer.

Toer 1: 1 l (niet 1e v), 3 v, *2 steken overslaan, 5 st in de volgende steek, 2 steken overslaan, 1 v*, herhaal wat tussen * * staat tot je aan het einde van de toer nog 2 steken over hebt, 2 v. Wissel naar zwart. Keer.

Toer 2: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar grasgroen. Keer.

Toer 3: 4 l (1e dst), 2 dst, *st, 3 x hst, st, dst* , herhaal van * tot het einde van de toer, 2 dst. Keer.

Toer 4: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar lavendel. Keer. (239 steken)

STREEP 8: LAVENDEL MET WITTE STIPPEN 

Toer 1: 1 l (niet 1e v). 239 v. Keer.

Toer 2 t/m 4: herhaal toer 3.

Toer 5: 1 l (niet 1e v), 6 v, *1 BB , 9 v*. Herhaal wat tussen * * staat tot je nog 6 steken over hebt, 6 v. Keer.

Toer 6 t/m 8: herhaal toer 3.

Toer 9: 1 l (niet 1e v), 11 v, * 1 BB, 9 v*. Herhaal wat tussen * * staat, tot je nog 11 steken over hebt, 11 v. Keer.

Toer 10 t/m 12: herhaal toer 3.

Toer 13: herhaal toer 7.

Toer 14 t/m 16: herhaal toer 3.

Toer 17: herhaal toer 11.

Toer 18 t/m 20: herhaal toer 3. Wissel naar roze. (239 steken)

Toer 21: 3 l (1e st), 238 st. Keer. (239 steken)

Toer 22: zie toer 1. Wissel naar oranje. Keer.

TUSSENRIJ: ORANJE-KOBALTBLAUW

Opmerking bij het diagram: haak toer 0 niet. Dit is de vorige toer.

Toer 1: 1 l (niet 1e v), 3 v, *2 steken overslaan, 5 st in de volgende steek, 2 steken overslaan, 1 v*, herhaal wat tussen * * staat tot je aan het einde van de toer nog 2 steken over hebt, 2 v. Wissel naar zwart. Keer.

Toer 2: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar kobaltblauw. Keer.

Toer 3: 4 l (1e dst), 2 dst, *st, 3 x hst, st, dst* , herhaal van * tot het einde van de toer, 2 dst. Keer.

Toer 4: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar turquoise. Keer. (239 steken)

STREEP 9: BLAUWE STREPEN

Zie voor de toelichting de beschrijving bij de vorige blauwe strepen.

Toer 1: 3 l met turquoise (1e st), *5 st turquoise, 5 st lichtblauw*, herhaal wat tussen * * staat tot het einde van de toer. Keer.

Toer 4 : 3 l met lichtblauw (1e st), 4 st. lichtblauw, 5 st. turquoise*, herhaal wat tussen * * staat tot het einde van de toer. Keer.

Toer 5 t/m 12: herhaal afwisselend toer 3 en 4. Wissel naar grasgroen. Keer.

Toer 13: 3 l (1e st), 238 st. Keer.

Toer 14: 3 l (1e st), 238 st. Wissel naar rood. Keer.

TUSSENRIJ: ROOD-GEEL

Toer 1: 1 l (niet 1e v), 3 v, *2 steken overslaan, 5 st in de volgende steek, 2 steken overslaan, 1 v*, herhaal wat tussen * * staat tot je aan het einde van de toer nog 2 steken over hebt, 2 v. Wissel naar zwart. Keer.

Toer 2: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar geel. Keer.

Toer 3: 4 l (1e dst), 2 dst, *st, 3 x hst, st, dst* , herhaal van * tot het einde van de toer, 2 dst. Wissel naar wit. Keer.

Let op! Toer 4 wordt nu niet gehaakt, omdat je volgende streep aan de achterkant begint.

 

 

STREEP 10: ROZE RUITJES

Toer 1: 1 l (niet 1e v) en 1 v in dezelfde steek, *2 l, 2 steken overslaan, 1 v in de volgende steek*, herhaal wat tussen * * staat, 1 v in de laatste steek. Wissel naar roze. Keer.

Toer 2: 3 l (1e st) en *3 st in de 2-lossenruimte*, herhaal wat tussen * * staat, 1 st. in de laatste steek. Wissel naar wit. Keer.

Toer 3: 1 l (niet 1e v) en 1 v in 1e steek, *2 lossen, 2 steken overslaan, 1 v tussen de 3 stokjes van de vorige toer*, herhaal wat tussen * * staat, 1 v in de laatste steek. Wissel naar grasgroen. Keer.

Toer 4 t/m 13: herhaal afwisselend toer 1 en 2. Je eindigt dus met een toer witte vasten met lossen ertussen. Wissel naar oranje. Keer.

Toer 14: Let op! Haak de stokjes niet in de lossenruimte, maar in de lossen zelf (zie foto). Dat staat mooier. 3 l, 238 st. Keer. (239 st)

Toer 15: 3 l (1e st). 238 st. Wissel in de laatste doorhaling naar geel. Keer.

TUSSENRIJ: GEEL-ROOD

Toer 1: 1 l (niet 1e v), 3 v, *2 steken overslaan, 5 st in de volgende steek, 2 steken overslaan, 1 v*, herhaal wat tussen * * staat tot je aan het einde van de toer nog 2 steken over hebt, 2 v. Wissel naar zwart. Keer.

Toer 2: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar rood. Keer.

Toer 3: 4 l (1e dst), 2 dst, *st, 3 x hst, st, dst* , herhaal van * tot het einde van de toer, 2 dst. Wissel naar wit. Keer.

oer 4: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar oranje. Keer.

STREEP 11: ORANJE MET WITTE STIPPEN

Zie de beschrijving bij STREEP: LAVENDEL MET WITTE STIPPEN. Wissel in de doorhaling na toer 20 naar turquoise en na toer 22 naar rood.

TUSSENRIJ: ROOD-LAVENDEL

Toer 1: 1 l (niet 1e v), 3 v, *2 steken overslaan, 5 st in de volgende steek, 2 steken overslaan, 1 v*, herhaal wat tussen * * staat tot je aan het einde van de toer nog 2 steken over hebt, 2 v. Wissel naar zwart. Keer.

Toer 2: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar lavendel. Keer.

Toer 3: 4 l (1e dst), 2 dst, *st, 3 x hst, st, dst* , herhaal van * tot het einde van de toer, 2 dst. Wissel naar wit. Keer.

Toer 4: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar oranje. Keer.

Streep 12: Geel-rode hartjes

Toer 1: 3 l (1e st), 238 st. Keer. Wissel naar rood. Keer.

Toer 2: in deze toer worden de hartjes gemaakt. 3 l (1e st), haak nog 1 st in de 1e steek, dan 2 losse. *Sla 6 steken over en haak in de 7e steek 2 st, 1 losse, 2 st. Nu ontstaat het hartje. Vervolgens 2 lossen*. Herhaal wat tussen * * staat tot je nog 7 steken over hebt. Sla weer 6 steken over en haak in de laatste steek 2 st. Wissel naar geel. Keer.

Toer 3: 1 l (niet 1e v), 2 v, *2 l en dan 2 st in de 2 middelste steken van de toer onder de hartjes, 2 l, 1 v in de lossenruimte van het hartje*. Herhaal wat tussen * staat tot het einde van de toer, 1 v in de laatste steek. Keer.

Toer 4: 3 l (1e st), 2 st in de lossenruimte, *dan 2 st op de st van de vorige toer en dan 2 st om de lossenruimte van de vorige toer,  1 st in de v van de vorige toer en dan 2 st om de lossenruimten van de vorige toer*. Herhaal wat tussen de * * staat tot het einde van de toer. Wissel naar rood. Keer.

Toer 5 t/m 13: herhaal de toeren 2 t/m 4.

Toer 14: 3 l (1e st), 238 st. Wissel naar oranje. Keer.

Toer 15-16: 3 l (1e st), 238 st. Wissel naar aan het eind van toer 16 naar turquoise. Keer. (239 steken).

Tussenrij TURQUOISE-roZe:

Toer 1: 1 l (niet 1e v), 3 v, *2 steken overslaan, 5 st in de volgende steek, 2 steken overslaan, 1 v*, herhaal wat tussen * * staat tot je aan het einde van de toer nog 2 steken over hebt, 2 v. Wissel naar zwart. Keer.

Toer 2: 1 l (niet 1e v), 239 v. Wissel naar roze. Keer.

Toer 3: 4 l (1e dst), 2 dst, *st, 3 x hst, st, dst* , herhaal van * tot het einde van de toer, 2 dst. Wissel naar wit. Keer.

Let op! Toer 4 wordt nu niet gehaakt, omdat je volgende streep aan de achterkant begint.

STREEP 13: GROEN RUITJE

Zie de beschrijving bij STREEP 10; ROZE RUITJES. Wissel na toer 13 naar roze. Hecht af na toer 15.

DE RAND:

Toer 1: Hecht op een willekeurige plek zwart aan. Liefst niet op een hoek. Haak 1 l (niet 1e v), haak vasten langs de rand. Ik hou aan als basis: in een toer met vasten haak ik aan de zijkant 1 vaste per toer en als het stokjes zijn, haak ik 2 vasten per toer. Zijn het halve stokjes dan om en om. In de ene rij 1 vaste en in de andere rij 2. In de hoeken haak ik 3 vasten. Sluit je toer met een hv in de 1e v van de toer. Draai je werk om en hecht je draad af.

Toer 2: Hecht op een andere plek weer aan met zwart. Haak 1 l (niet 1e v), haak vasten langs de rand. Deze toer haak ik dus met de goede kant naar achteren. Omdat de rand toch altijd de neiging heeft wat te hobbelen, haak ik de 8e en 9e steek samen. Je kunt ook nog een haaknaald kleiner nemen, dus een 3,5. Dan gaat het minder lubberen. In de hoeken ook nu weer 3 vasten. Sluit je toer met een hv in de 1e v van de toer. Keer je werk. Hecht af.

Toer 3: Hecht op een andere plek aan met kobaltblauw. Deze rij haak ik stokjes. Haak 3 lossen als 1e stokje en haak rondom stokjes. Op de hoeken haak ik 3 stokjes. Sluit je toer met een hv in de 3e losse van je beginlossen. Hecht af. Keer je werk.

Toer 4: De achterkant ligt nu weer voor. Hecht op een andere plek aan met White en haak rondom vasten. Haak dus 1 l (niet 1e v), haak in dezelfde steek een v en haak zo rond. Sluit de toer met een hv in de 1e v. Hecht af. Keer je werk.

Toer 5: De goede kant van je werk ligt nu nog steeds naar je toe. Hecht Lipstick aan. Haak nu afwisselend met rood en rzoes 5 stokjes. Haak 3 lossen als 1e stokje en haak rondom stokjes. Op de hoeken haak ik 3 stokjes. Sluit je toer met een hv in de 3e losse van je beginlossen. Op de hoeken weer 3 stokjes. Hecht af. Keer nu je werk niet.

Toer 6: Hecht zwart aan in een hoek en haak nu 3 lossen, 1 hv, 5 lossen, 1 hv, 3 lossen, 1 hv in 1 steek. Haak 2 lossen, sla 2 steken over en haak een vaste in de volgende steek, 2 lossen, sla 2 steken over, 1 halve vaste in de volgende steek en haak hier ook weer 3 lossen, 1 halve vaste, 5 lossen, 1 halve vaste, 3 lossen, 1 halve vaste in. Ga zo de hele rand rond. Probeer het zo uit te kienen dat je op de hoeken de 3 l, 1hv, 5 l, 1 hv, 3 l, 1 hv, haakt.

Werk je draadjes weg en klaar is je deken!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.